Dag 8 – Camargue en Orange

Dag 8 – Camargue en Orange

Om half 8 gaat de wekker en hoewel we het wat vroeg vinden, hoppen we toch uit de veren. De Camague roept. Dit natuurreservaat werd in 1970 tot bescherd gebied verklaard om het fragiele ecosysteem te beschermen. Bestaande uit bos, moeras, kust en watergebieden is het park zo’n 850 km2 groot. Er komen vooral in het voor- en najaar enorm veel vogelsoorte voor en verder zijn flamingo’s en de beroemde wilde witte paarden de bekendste bewoners van het gebied. Met zo’n gebied in het vooruitzicht is het niet moeilijk om ons bed uit te komen. Een snelle douche, een makkelijk ontbijt (yoghurt en een broodje) en daarna breken we in recordtijd de tent af. Vervolgens rijden we op ons gevoel en met hulp van TomTom en de kaart naar het startpunt van de route die we in gedachten hebben.

We zijn nog maar net van de grote weg af, als we bij de eerst stopplaats langs het water al flamingos zien. We vinden het allebei een erg mooi, maar ook wat vreemd gezicht: op de een of andere manier lijken die beesten hier niet op hun plaats.
Na dit voorproefje rijden we door naar La Capeliere, een informatiecentrum dat aan een kleine inham ligt waar een anderhalf kilometer lang wandelpad omheen is gelegd. We kopen een kaartje en lopen door het kleine centrum. Omdat alle informatie in (pittig) Frans is opgesteld, zijn we snel klaar voor de wandeling. Het pad loopt langs alle verschillende ecosystemen die het gebied kent: bos, kust, moeras. We zien flamingo’s, verschillende soorten reigers, grutto’s en eenden en heeeeeel veel muggen. We hebben geukkig muggenmelk bij ons, maar kunnen niet helemaal voorkomen dat ze gaatjes in ons prikken. Na het bos wordt het beter. Hoewel er weinig vogels zijn (zoals altijd in deze tijd van het jaar), zien we wel andere beesten. Zo vermaken we ons bijna een half uur met het bekijken van een muskusrat met kleintjes en zien we wel drie soorten schildpadden.

Na deze stop rijden we verder, op zoek naar koffie. Die vinden we bij een nu nog uitgestorven boerderij waar ook fietsen te huur zijn. De koffie is lekker en we zitten wel goed, maar we horen de eigenaren tegen elkaar zeggen dat ze 42 Italiaanse gasten verwachten bij de lunch! Snel verder dus maar als de koffie op is. Verder naar het zuiden zien we ineens witte vlekken tussen een rietkraag door. We hebben al heel wat paarden achter hekken gezien, maar dit blijken wilde exemplaren! Ze staan vrij dicht langs de weg dus we kunnen goed dichtbij komen om foto’s te maken. Daarna mogen die ook van ons lijstje.
Nog een stukje verder naar het zuiden komen we bij Salin de Giraud, een van de grootste zoutpannen van Europa. Het is inmiddels wat bewolkt, dus echt stralend wit wordt het niet, maar we kunnen vanaf een uitzichtspunt goed de zoutvlaktes en -hopen zien en de machines die erop aan het werk zijn.

Uiteindelijk rijden we nog een paar kilometer verder door een indrukwekkend waterlandschap naar het zuidelijkste puntje, waar we op een winderig strand wel 50 campers en caravans zien staan die hier de nacht hebben dorgebracht. De zandvlakte maakt de coureur in Harro wakker, maar na een aantal overtuigende argumenten van Karin houdt hij zich verder in.

De route zit erop en nu willen we eigenlijk alleen nog lunchen iets ten zuiden van Arles, voor we naar Orange gaan. Helaas, hoewel de beschrijving erg duidelijk is, we op de goede weg zitten en het restaurant beroemd schijnt te zijn, kunnen we het niet vinden. Zonder lunch en met een dringende behoefte aan koffie en benzine, duiken we de snelweg op richting Orange. Vlak voorbij Nimes (we vroegen TomTom de snelste route, niet de kortste, daarom rijden we wat om) vinden we benzine, koffie en een broodje. Een half uurtje later, rond 3 uur, staan we voor hotel Le Glacier in Orange, waar we een nette, stille en goedkope kamer vinden. We parkeren de auto voor het schrikbarende bedrag van 2,20 tot morgenochtend 10 uur en gooien de tassen op de kamer.
In Orange willen we eigenlijk vooral twee dingen: het ‘Theatre Antiques’ bekijken en lekker eten en drinken. We beginnen met het eerste en zijn meteen diep onder de indruk. Het theater in Orange heeft als enige Romeinse theater ter wereld nog een volledige achterwand. Dat wil zeggen: niet alleen de rijen stoelen en het podium zijn zichtbaar, maar de volledige stenen wand van 3 enorme verdiepingen stat nog. We zijn er helemaal stil van: het is een geweldig gezicht en ineens kunnen we alle andere theaters die we ooit hebben gezien veel beter plaatsen. Dit theater is gebouwd tussen 50 voor en 50 na Chr. en is sinds die tijd in gebruik. Eerst als theater, daarna eeuwenlang als burcht en sinds de 19e eeuw opnieuw als theater.
In de beginjaren van deze eeuw is er een nieuw dak opgezet. Het oorspronkelijke dak werd in de 4e eeuw na Chr. door een brand verwoest en sindsdien hadden regen en de laatste twee eeuwen vervuiling, vrij spel. Het nieuwe dak is gebouwd met lichtgewicht, supersterke materialen, om de impact op het pand tot en minimum te beperken. Het is ook duidelijk zichtbaar dat het nieuw is en dat kunnen we wel waarderen. Zo hoef je niet te gokken wat oospronkelijk is en wat nieuw, terwijl het oorspronkelijke zo goed mogelijk beschermd blijft.

Na deze overdonderende ervaring is het tijd voor koffie en werken we in het hotel via de gratis WiFi de site bij! Vanavond deel 2 van het programma: lekker eten en drinken!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.