8e dag Vrijdag 27 Mei 2011

8e dag Vrijdag 27 Mei 2011

Na een heeeeeelijk nachtje slapen probeert Harro uit bed te springen, om zich halverwege te realiseren dat 15 kilometer hollen in je benen gaat zitten. Hij hinkt onder de douche door, terwijl Karin probeert niet te gniffelen. Als we allebei zijn gedoucht zitten we om 9 uur aan het ontbijt. We zijn inderdaad de enige gasten en de zeer vriendelijke, kwebbelende gastvrouw heeft een heerlijk ontbijtje klaargezet. Verse yoghurt, allerlei huisgemaakte jammetjes, verse lokale boter, een heerlijk (zuurdesem) stokbrood, jus d’orange, verse koffie en zelfs een verse crepe! We genieten van het schandalig lekkere en uitgebreide ontbijt en checken daarna tevreden uit. Dit moet een van de beste deals ooit zijn en behalve de onhandige sleutel-toestand hebben we helemaal NIETS aan te merken op deze geweldige overnachtingsplek. Het is nog wel een beetje bewolkt, maar de zon komt er al doorheen. We kunnen!

Vandaag hoeven we niet zo ver: in een uurtje zijn we in Carnac! Carnac is vooral bekend vanwege de menhirs en andere steenhopen van zo’n 5.000 jaar voor Chr. en daar willen we wel wat van zien. Als we bijna in Carnac zijn zien we de eerste menhirs al staan. Enorme steenbrokken, die in rijen achter elkaar staan. Helemaal blij rijden we naar het centrumpje van Carnac, waar we de auto neerzetten en in de Officie de Tourisme een kaart oppikken en informatie over de campings in de buurt. Bij een kopje koffie zoeken we twee opties uit. Degene die de LP aangeeft wordt het deze keer niet: belachelijk duur en meer een fout vakantiepark dan een camping, dat hoeft niet wat ons betreft. Onze eerste optie wordt Moulin de Kermaux, tegenover het belangrijkste menhir-veld. Als we gqaan kijken zijn we meteen overtuigd: lekker stil, prima faciliteiten (zelfs een verwarmd zwembad!) en toch echt een camping die bovendien op een superlocatie ligt. Wij zijn om! We besluiten om na 2 uur terug te komen en rijden eerste een rondje dor de omgeving. In een supermarkt pikken we een stokbroodje en een kaasje op en dat eten we uiteindelijk aan een picknick-tafel niet ver van onze camping op, met uitzicht op de menhirs.

Als alles op is, kunnen we inchecken en we krijgen de keuze uit 5 plekjes, niet ver van het toiletgebouw. We zetten in het stralende zonnetje, maar ook de forse wind de tent op en pakken daarna een tasje mee. Het is 3 uur: tijd genoeg voor een eerste ontdekkingstocht tussen de stenen. De eerste stop is de uitkijktoren tegenover de camping, van waar je de Allignements de Kermario prima kunt zien liggen. De Allignements zijn menhirvelden waar honderden (in dit geval 1099) menhirs in rijen (in dit geval 11 rijen) achter elkaar staan. Waaarom weet niemand, al is de algemene consensus dat ze iets met vruchtbaarheids- en / of landbouwrituelen te maken hebben. We zijn diep onder de indruk en stellen onszelf de vragen die velen voor ons ook al hebben gesteld zonder een antwoord te krijgen: hoe? en waarom precies?
Na dit eerste veld bekijken we nog een enorm veld, de Geant de Manio (een losstaande menhir van zo’n 6 m. hoog, die midden in een bos staat) en de Quadritaleterre (een rechthoek van kleine stenen, van ongeveer 20 m lang bij 5 m breed). We doen ook nog een poging om een dolmen te vinden (een soort hunebed), maar die blijkt te goed verstopt. Al met al lopen we zo’n 2 uur en dan zijn we er wel klaar mee. Spieren, gewrichten: we kraken en piepen wat en wandelen, na een drankje bij een creperie mindden in het grootste menhirveld) terug naar de camping.

Daar pakken we de auto. We willen eigenlijk nog wel wat zien, maar niet meer lopen. Met de auto rijden we uiteindelijk naar Quiberon, op zo’n 30 kilometer van Carnac op het uiterste puntje van een soort schiereiland. Er vertrekken van daar uit ferries naar allerlei eilandjes in de buurt en het is zelfs nu, in het voorseizoen, enorm druk. We drinken een drankje en daarna genieten we, vanuit de auto, net als op de heenweg van de uitzichten op zee. Als we terug zijn in Carnac is het tijd om te gaan eten. We hebben daarvoor Le Ratailleur uitgezocht, een B&B met naar verluidt heerlijk eten.

Als we de tent gevonden hebben blijkt het een leuke eetzaal te hebben, met laaghangende houten balken. Het personeel is vriendelijk en al heel snel blijkt het eten geweldig. We hebben gezkoen voor een kreeftenmenu. Ja, enigd=szins asociaal is het wel, maar we willen niet weg van de Bretonse kust zonder kreeft gegeten te hebben.
We beginnen met een amuse van een soort vispate. gevolgd door een voorgerecht van kreeft- en oestersalade. We zijn allebei niet dol op oesters, maar deze kok heeft er een soort tartaar van gemaakt, met citroen, komkommer, bieslook en avocado en het is echt verrukkelijk! de kreeft is zalig en vers en de salade heerlijk knisperig. Na het voorgerecht volgt een soort granite met vodka en fruit (als tussengerecht). Het hoofdgerecht is zeebaars en kreeft op verse aardappelpuree met asperges. Tot slot mogen we kiezen uit een enorme kar met kazen en na die selectie zijn we blij dat we al aan het begin van de maaltijd hebben aangegeven dat we het zoete toetje graag wilden vervangen door een koffie. Bij de koffie worden een aantal zoete koekjes geserveerd en dan kunnen we echt geen pap meer zeggen. Tonnetje rond en dik tevreden gaan we terug naar de camping. Daar is het koud en winderig maar met wat thermo, extra laagjes en een kruik liggen we in no time heerlijk warm in ons=ze slaapzakjes. We praten nog wat na over vandaag en vallen al snel in slaap.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.