Reisdag: Leiden – Vancouver

Reisdag: Leiden – Vancouver

We hebben de tijd vanochtend, maar door de strakke planning van de afgelopen week hebben we die tijd eigenlijk niet nodig. Het regent als we de deur uitlopen rond kwart voor 10. Prima weer om op vakantie te gaan. “Doorlopen”, grapt Martijn: “We hebben een walvistrip over 33 uur!”.

De wachttijd op Schiphol en de vlucht verlopen vlekkeloos. We hebben twee stoelen naast elkaar, net achter de vleugel, zodat we achterom kijkend naar buiten en beneden kunnen kijken. Dat is een feestje tegen de tijd dat we boven Groenland vliegen. Groen is het niet, eerder wit, maar de baaien met ijsschotsen, de gletchers, de bergen en de besneeuwde vlaktes zijn prachtig. Verder vliegen we vooral over water en dikke lagen bewolking. We doden de tijd door te kletsen, films te kijken (Trancendence/The Hunger Games en Frozen), te eten op vreemde tijden (is het nu ‘hier’ of ‘daar’ tijd?) en heel even een tukje te doen. Boven Canada klaart het wat op en het laatste stukje is ronduit spectaculair. We vliegen over de Rocky Mountains en draaien dan met een grote zwaai naar het zuiden. Vanuit het raampje zien we Vancouver liggen, stralend in de zon. Keurig 9 1/2 uur na vertrek landen we op Canadese bodem.

Daar duurt het allemaal even: we moeten eerst langs de douane (lange rij, maar vlotte entree en beleefd welkom) en dan rollen onze koffers bijna als allerlaatste van de band. We zijn even bang dat ze helemaal niet komen, maar gelukkig zien we uiteindelijk onze vetrouwde ‘bananen’ van de band rollen. Dan nog door een lange rij waar we zonder koffercontrole doorheen komen en dan zijn we eindelijk in de stampvolle ontvangsthal. We worstelen ons naar buiten en staan in de zonnige Canadaese middagzon te knipperen. Zonnig, heel lichte bewolking en een graadje of 23. Top!

Alamo geeft ons – als we daar vriendelijk om vragen èn onze reservering laten zien – een keurige, bescheiden Nissan. We installeren Foonie (telefoon met GPS en kaartmateriaal ter vervanging van een TomTom) en scheuren er vandoor. Nouja, heel hard mag je hier niet en al na vijf minuten zijn we het water over en in Richmond, de wijk waar ons hotel ligt. Na 1 minuut hebben we ook dat gevonden (de Days Inn heeft een soort schoorsteentje met z’n naam er op: heel handig) en hebben we de auto weer geparkeerd. Zo, dat was het wat betreft vereiste schepte met ons jetlaghoofd (dat ons verteld dat het nu toch echt heus, heel laat begint te worden).

We negeren alle protesten van het vege lijf en nadat we onze tassen op onze kamer (keurig maar saai, type hotelketen) hebben gedumpt en een tasje hebben gepakt, vertrekken we met de SkyTrain naar Vancouver Waterfront. De snelle metro-achtige trein rijdt elke paar minuten en brengt ons in 20 minuten naar het hart van het centrum. Als we uitstappen halen we diep adem. Dat is waar ook… stadslucht maar ook water, hoge moderne flats om oude(re) gebouwen heen… we dwalen naar het water en dan naar het oosten, naar Gastown, het oudste deel van de stad. Hier werd de stad gesticht doordat arbeiders van de zaagmolen in ruil voor een vat bier (of ‘net zoveel whiskey als ze konden drinken in een bezoekje aan de kroeg’, afhankelijk van welk verhaal je gelooft) binnen een dag een kroeg bouwden. Ze kregen de drank van ‘Gassy Jack’ Deighton; zijn standbeeld staat nog steeds in het hartje van Gastown. We zien de stoomklok, die er stokoud uitziet maar stamt uit de jaren 70 van de vorige eeuw (en dan weet je dat het ALLES BEHALVE stokoud is… 😉 ) en rijen oude bakstenen gebouwen van rond de vorige eeuwwisseling.

We laten het allemaal lekker op ons inwerken en zoeken uiteindelijk een tent op waar een terras in de zon ligt. Het is half 6, tijd voor een drankje en een hapje. Het drankje komt helemaal goed, maar we laten het hapje er even bij zitten; onze ‘buren’ zijn zo luidruchtig dat we daar even geen zin in hebben. Onze serveerster heeft feilloos in de gaten wat er gebeurt en verontschuldigt zich. Geen probleem, niet haar fout, maar we dwalen toch nog even verder. Uiteindelijk eten we een burger een stukje verderop en dan is het echt klaar. We kunnen in de metro terug naar het hotel onze ogen al nauwelijks meer open houden en als we om acht uur in bed liggen duurt het zeker een hele minuut voordat we in slaap zijn. Op!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.