Bled naar Bovec

Bled naar Bovec

Het is tijd voor afscheid van Bled en ons geweldige hutje. Best een beetje jammer, want we zijn echt fan! Maar gelukkig is er nog genoeg leuks te doen en ontdekken. We betalen (en passant proberen we een gestresste receptioniste wat op te vrolijken, die uiteindelijk zowaar lacht) en rijden dan naar het bakkertje. Deze keer eten we ons croissantje buiten: het weer is enorm opgeknapt en hoewel er zeker ook wolken zijn, overheerst de zon! Een kopje koffie later beginnen we aan onze tocht naar Bovec.

De route is in dit geval de helft van de lol. Wat we ook de afgelopen dagen al hebben gezien is hoe groen Slovenië is. We zijn er bovendien precies in het goede seizoen om te genieten van de uitbundige hoeveelheid bloemen overal. Bermen, velden, weilanden: alles staat vol met bontgekleurde bloemen. En vandaag komt daar een derde ‘attractie’ bij: de bergen. We rijden eerst een half uurtje naar Kranskja Gora en slaan dan linksaf, Triglav NP (het enige nationale park van Slovenië) en de Vrsic Pass in. Deze pas klimt tot iets boven de 1600 meter. De weg wordt ook wel de Russische weg genoemd, omdat hij door Russische krijgsgevangen is aangelegd in de Eerste Wereldoorlog. En de route is echt prachtig.

We slingeren ons omhoog via de haarspeldbochten, met een schitterend uitzicht op Mt Triglav en de omringende bergen van de Juliaanse Alpen. Onderweg bezoeken we een klein Russisch kapelletje (dat herinnert aan de 400 Russen die hier omkwamen door een lawine), drinken we een kopje koffie, stoppen we af en toe voor een foto (hoewel niet op het hoogste punt van de pas, wat er nogal suf uitziet en waar het slechtste uitzicht van de hele route is) en vermaken ons prima. Als we de pas over zijn rijden we tot halverwege naar beneden, waar we een bord zien naar een waterval. Dat willen we natuurlijk zien.

Het blijkt een leuke stop, die weliswaar wat kleuterwerk vergt, maar dan staan we ook binnen een kwartiertje naast de bron van de Soca, de rivier waar Harro morgen op hoopt te peddelen. Het water stort zich met donderend geraas door een smalle rotsspleet de diepte in. We maken plaatjes (Karin heel trots dat ze het gehaald heeft) en daarna wandelen we voorzichtig weer naar beneden.

Na nog een zootje haarspeldbochten zijn we in het dal en rijden we langs de Soca naar Bovec, waar we aan de weg Hotel Mangart al zien liggen. We krijgen een uitstekende kamer van een heel aardige man die ons heel streng verteld dat we het Internet alleen mogen gebruiken om foto’s te sturen om onze vrienden jaloers te maken, maar niet om te werken. Als we dat plechtig hebben beloofd blijkt de kamer uitstekend te zijn en een schitterend uitzicht op de bergen te hebben. Het hotel ligt op ongeveer 5 minuten lopen van het ‘centrum’ van het dorp, maar de supermarkt ligt aan de overkant.

En daar zijn we naar op zoek: we kopen een vers stokbrood, kaas, salami, een kuipje honing, sap, en bananen en ploffen in de tuin van het hotel aan een tafeltje. Jas aan, dat wel, maar we kunnen zo prima picknicken! Met het uitzicht op de berg en het lekkere eten genieten we er van. Als we klaar zijn ruimen we onze zooi op en wandelen we naar het dorp. Daar regelt Harro een kayaktochtje en vervolgens drinken we een kopje koffie. En dan moeten we nog even de omgeving verkennen.

Om te beginnen bezoeken we een soort fort (Kluz). Het is helaas dicht, waardoor we er alleen aan de buitenkant omheen kunnen, maar het is nietemin indrukwekkend. Het stamt uit de 19e eeuw en werd tot in de eerste wereldoorlog gebruikt. Het verdedigingsfort uit de tweede wereldoorlog ligt bovenop de berg (iets te ver weg) en is zo blijkt uit foto’s volledig kapotgeschoten. Dit exemplaar ziet er een stuk beter uit, maar was in die oorlog al niet meer in gebruik. Het ligt overigens naast de diepste kloof die we in tijden hebben gezien: het water stort zich meer dan 60 meter lager door een nauwe doorgang.

Na het fort rijden we nog een rondje in de omgeving. We doen een poging om bij de rivier te komen, maar dat lukt pas helemaal aan het einde, vlak voor we omdraaien. De rivier is prachtig blauw en we zien een paar kayakkers zich over het water begeven. Harro loopt alvast te stuiteren, maar moet nog een nachtje wachten.

Terug in Bovec blijkt het restaurant dat we in gedachten hadden dicht. We drinken eerst een drankje (in het zonnetje) en gaan dan naar het alternatief. De ober is nogal irritant (luidruchtig en erg ‘grappig’) maar het eten is erg lekker: soepje vooraf en daarna een soort rumpsteak met saus voor Harro en gefrituurde inktvis met frietjes voor Karin. De lokale wijn erbij is deze keer wèl erg lekker.

 

De poging om daarna nog wat te drinken strandt, maar de hotelbar blijkt een prima schnapps te hebben, waarvan we een glaasje meenemen naar onze kamer. Daar dobbelen we een paar rondjes en gaan vervolgens tevreden (en een beetje teut) slapen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.